Mijnheer!

  Hij groette al vanuit de verte. “Dag mijnheer.” Wat doe je dan, op weg naar je hardloopparcours in het Bossche Broek? Vast gaan rennen? Nee, heel beleefd groeten. “Dag mijnheer.” En weer riep hij. “Kent u Jeroen Bosch?” Ik geloof dat hij er ook dit keer mijnheer bij zei. “Niet persoonlijk”, antwoordde ik, luider dan anders, en liep naar hem toe. “Ik ben zoals

Tante Truus

  4 en 5 mei naderen. Tijd voor de huiskamervraag. Kent u Tante Truus? Zie maar weinig vingers omhoog gaan. Ik stuitte deze week in de boekhandel op verse bundeltjes ’40-‘45. 101 Vrouwen en de oorlog, heette er een. Tante Truus was niet vergeten. Ze stond achterin want de volgorde was alfabetisch. Truus Wijsmuller-Meijer had een plek op de cover verdiend. Ze bracht nog

Leiden of lijden in het Bossche theater

  Vorige week trok hier plotsklaps een processie langs. Dames en vooral heren, donker gekleed. De mannen droegen lange stokken met zich mee. Ze zongen een droevig lied. Voorop een exemplaar met trommel. Hij trok de aandacht. Een eentonig boem, boem, boem. Alsof de stad ten grave werd gedragen. Het had iets te maken met een schilder die al lang wijlen is. Vijfhonderd jaar

Een ontmoeting met de Zwarte Sint

  Het was een bijzondere ontmoeting. Voor mij. Ik had nog nooit van Marinus Vooren gehoord. Wijlen Marinus Vooren. Kolonel Vooren, zo bleek. Wikipedia geeft volop informatie over hem. Drager van de Militaire Willemsorde. Ik dacht een boek te kopen. Op Marktplaats. Over ‘Vier maanden volksverhuizing’. Zo heette het. Het betrof een bijna vergeten stukje uit onze geschiedenis. Eind 1957 werden tienduizend Nederlanders Indonesië uit gebonjourd. De gemoederen

Blond en Blauw in Brussel

  Ik wil best mijn wekelijkse blog schrijven. Maar lastig is het wel zo direct na Brussel. Moet ik het daar over gaan hebben? Er zijn al zoveel hoofden op tv. Die hebben allemaal een mening. En ze doen alsof ze er heel veel van weten. Altijd weer die hoofden. Altijd weer die meningen. Even hiervoor had je dat eveneens met die PSV-supporters. Wilde

Burgemeesters en brouwers

  Komende zaterdag is het open dag. Bij de de kliniek van de Pompestichting in Zeeland. Sinds 2008 de longstay. Volgestouwd met types die zichzelf niet vertrouwen. Soms voor hun hele leven opgeborgen. Zeeland ligt in Brabant. Ooit gezegend met de bijnaam Las Vegas. Omdat er relatief veel uitgaansgelegenheden waren. Paar inwoners, veel cafés. Vroeger, heel vroeger, hadden ze er burgemeesters die ook brouwer

Herder in stilte

  Natuurlijk had mijn opvolger Gerard de Korte gelijk. Ik doel op de woorden die hij sprak toen ik hem aan de kudde voorstelde. Als de paus een beroep op je doet, wuif je dat niet makkelijk weg. Zo voelde ik het zelf ook, toen ik in 1998 geroepen werd. Ik wandel tegenwoordig veel door het Bossche Broek. Dat natuurgebied

De trommelaar en het puin van Pearle

    Wat deze dagen de meest gestelde vraag is? Of mijn woning nog overeind staat. Ik kan iedereen geruststellen. Het puin ligt even verderop in de Bossche binnenstad. Resten van een eeuwenoud, pardoes ingestort pand. Wat een brillenzaak was, trekt nu kijkers. Niet zo’n goeie actie van Pearle. Of van anderen. “Beschadigde stad komt langzaam tot leven”, kopte maandag mijn regionale krant. Maar dat

De tandarts en de korte broek

  Op controle bij mijn tandarts dacht ik aan de korte broek van mijn oom. Of dat raar is? Liggend in die stoel gaan je gedachten dwalen. Hij, de tandarts, gluurt achter de verstandskies, peutert wat bij de hoektand. Jij kijkt naar de foto’s van wuivende palmen. Die zijn, zegt hij, pas onlangs aan het plafond bevestigd. Toen was er die

Het zitje van Havel

  Mijn verjaardag was een droeve dag. Juist deze 13e, niet eens een vrijdag, ging Borek Sipek heen. Op zijn naam horen allerlei rare tekentjes. Hij is immers een Tsjech. Maar mijn toetsenbord weigert medewerking. Ongetwijfeld ook in de rouw. De kunstenaar en architect, 66, verloor van de kanker. Sipek leidde me eens rond door de Praagse Burcht. Die was hij aan het