Bambi, de poes en de duivel

  De pr-machine pruttelt nog na. Maar we zijn tenminste een beetje verlost. De Expositie is voorbij. Nou maar hopen dat de galm van gekkigheid versterft. Zodat ik op weg naar de Hema niet langer een bende selfie-malloten hoef weg te duwen. Jaarlijks komen er dik 14 miljoen buitenlanders naar Nederland. Als toerist. 100.000 van hen bezochten de voorbije maanden Den Bosch,

Mijnheer!

  Hij groette al vanuit de verte. “Dag mijnheer.” Wat doe je dan, op weg naar je hardloopparcours in het Bossche Broek? Vast gaan rennen? Nee, heel beleefd groeten. “Dag mijnheer.” En weer riep hij. “Kent u Jeroen Bosch?” Ik geloof dat hij er ook dit keer mijnheer bij zei. “Niet persoonlijk”, antwoordde ik, luider dan anders, en liep naar hem toe. “Ik ben zoals

De Rechter en de kramp

  Of er niet een lach vanaf kan? Nee dus. Ik sleep me door dit leven. Moet u mij eens vertellen wat er zo leuk is, hier en nu. Oerwoudgeluiden? Donald Trump? Terreur? Een graatmagere Angelina Jolie? Dooie varkens in de bomen? Jheronimus Bosch? Een heel jaar lang? Maat-naaier Ard van der Steur? Maar toch, dinsdagochtend trilde mijn bovenlip. Ik erken het. Een ongewone kramp. In de hoek van

Heel 2016 te huur

  Heel even heb ik getwijfeld. Wel of geen bijdrage leveren aan de nieuwe site droomstad Den Bosch? Wat me tegenhield? De dromen die daarop worden gepresenteerd door stadgenoten zijn betrekkelijk aards. Ze kunnen met enige goede wil best worden verwezenlijkt. Een stadscamping. Kan er toch komen? Groene stadspoorten. Waarom niet? Een vrouwenopvang. Móet worden gerealiseerd. Organische markt. Nou ja, uh, laat maar. Levendige