Afvalbaby

  Afgelopen zaterdag, boekhandel te Breda. Te midden van moeders. En vaders. Ouders die het verdriet om een doodgeboren kind deelden. In een schoenendoos begraven, ergens. Met het ziekenhuisafval naar de verbrander gebracht, in Dordrecht. Of verstopt op een kerkhof, in ongewijde aarde. De kinderen zouden nooit in de hemel komen. Mocht niet, want ze waren niet gedoopt. Zo wilde de katholieke leer het. Harteloosheid

Vogel, vrij en vogelvrij

  Het ging over de doden. Het ging over vrijheid. Het ging over vogels. Voordrachten zijn interessant. Pianospel en zang al even boeiend. Maar het gaat om de stilte. Die is het mooist van al. Maurits Fondse zei het ook. Hij was pianist in Nationaal Monument Kamp Vught. Bij de Dodenherdenking. Naderhand zei Maurits: toen het stil was hoorde ik alleen de vogels, zo mooi, zo vrij. Je

Links en toch lekker

  Ik ben in 1979 afgestudeerd aan de School voor de Journalistiek. U moet mij op mijn woord geloven. Kan mijn diploma nergens meer vinden. Verdwenen, weg, foetsie. Slordig. Of ik het nog nodig heb om carrière te maken? Je kunt nooit weten. In het verleden ooit nodig gehad beste Twan? Nou, 1 keer. Direct na mijn afstuderen. Sollicitatie als voorlichter bij de gemeente Veghel. Jaja,

Praatjesmaker

  Mooie berichten aan het einde van het jaar. Met een mede-auteur bezig aan een boek. Over De Corridor. Nee, het heeft niks met de oorlog te maken. Dit gaat over een experimentele jeugdgevangenis. In het dorp Zeeland. Bestaat al een jaar of tien niet meer. Tegenwoordig zit op dezelfde plek de enige longstay van het land. Een thuis voor tbs’ers die nooit

Twee vrouwen

  Verbleef ik onverwacht met twee dames in mijn slaapkamer. Geheel sans gêne. Samen bereikten de twee een respectabele leeftijd van bijkans 160 jaren. De ene helft was in elk geval 79. Dat wist ik uit een document dat de notaris mij eerder stuurde. Beide dames hadden, voor zij de slaapkamer bereikten, 35 treden genomen. Want eerder geraak je niet in

De lange rij na De Korte

  We wachtten samen op de bus. Hij even in de 70. Zat er al toen ik kwam aanlopen. In de Sint Jan geweest om de nieuwe bisschop welkom te heten. Daarna in het Bossche theater in de lange rij gestaan. Monseigneur De Korte de hand geschud. Ondanks degelijke stappers en dikke bruine sokken zere voeten gekregen. Ik had, op weg naar

Bambi, de poes en de duivel

  De pr-machine pruttelt nog na. Maar we zijn tenminste een beetje verlost. De Expositie is voorbij. Nou maar hopen dat de galm van gekkigheid versterft. Zodat ik op weg naar de Hema niet langer een bende selfie-malloten hoef weg te duwen. Jaarlijks komen er dik 14 miljoen buitenlanders naar Nederland. Als toerist. 100.000 van hen bezochten de voorbije maanden Den Bosch,

Mijnheer!

  Hij groette al vanuit de verte. “Dag mijnheer.” Wat doe je dan, op weg naar je hardloopparcours in het Bossche Broek? Vast gaan rennen? Nee, heel beleefd groeten. “Dag mijnheer.” En weer riep hij. “Kent u Jeroen Bosch?” Ik geloof dat hij er ook dit keer mijnheer bij zei. “Niet persoonlijk”, antwoordde ik, luider dan anders, en liep naar hem toe. “Ik ben zoals

Leiden of lijden in het Bossche theater

  Vorige week trok hier plotsklaps een processie langs. Dames en vooral heren, donker gekleed. De mannen droegen lange stokken met zich mee. Ze zongen een droevig lied. Voorop een exemplaar met trommel. Hij trok de aandacht. Een eentonig boem, boem, boem. Alsof de stad ten grave werd gedragen. Het had iets te maken met een schilder die al lang wijlen is. Vijfhonderd jaar

Herder in stilte

  Natuurlijk had mijn opvolger Gerard de Korte gelijk. Ik doel op de woorden die hij sprak toen ik hem aan de kudde voorstelde. Als de paus een beroep op je doet, wuif je dat niet makkelijk weg. Zo voelde ik het zelf ook, toen ik in 1998 geroepen werd. Ik wandel tegenwoordig veel door het Bossche Broek. Dat natuurgebied